Skip to content

Echt alle boeken over Frankrijk!

Recensie ‘Strovuur’ van Gerwin van der Werf

Een kort briefje op de keukentafel vindt de 17-jarige Fay wel voldoende, ze gaat naar Parijs, daar moet haar moeder het maar mee doen. Ze vertrekt met haar iets oudere neef Elvin. De telefoons blijven thuis. Elvin is net ontslagen en Fay zou eigenlijk in 6 gymnasium moeten beginnen. Parijs blijkt ver in de 40 jaar oude Mitsubishi Saporro. Het trotse bezit van Elvin geeft wat problemen onderweg maar dat is niet de enige tegenslag.

Wat volgt is een chaotische tocht door Belgie en Noord-Frankrijk. Zonder telefoon en zonder navigatie maar met Cola en Snickers komen ze een heel eind. Onderweg komen ze in onverwachte situaties terecht en vreemde figuren kruisen hun pad. De vrijheid smaakt goed maar ze worden steeds meer op elkaar aangewezen in dit bizarre avontuur. Dat bevalt Fay eigenlijk niet want ze is niet iemand die anderen nodig heeft. Ze heeft haar handen eigenlijk wel vol aan zichzelf en vriendinnen zijn in haar ogen eigenlijk allemaal ‘trutjes’. Haar neef Elvin vormt hierop een uitzondering, hij wordt gedoogd ondanks zijn drankgebruik en zijn eeuwige sigaretten. Het contrast tussen de opvliegerige Elvin en de slimme bedachtzame Fay levert prachtige dialogen op.

Fay heeft kortgeleden haar vader verloren. Hij was de enige persoon die ze niet verachtte. Zijn dood gaf haar eerder onbegrip en boosheid dan verdriet. Hij had zich van het leven beroofd in Noord-Frankrijk en deze roadtrip brengt haar iets dichter bij haar vader.

Strovuur neemt je mee in de belevingswereld van een 17-jarig pubermeisje. Haar gedachten beheersen het boek vanaf de eerste bladzijde. Dat is best even wennen vanwege het taalgebruik van een puber, maar later blijkt dit goed te werken. De schrijver geeft daarmee het boek ongelooflijk veel vaart. De gebeurtenissen die elkaar in hoog tempo afwisselen worden door Fay’s constante stroom van observaties, levenswijsheden en rake observaties aan elkaar geregen.

Het verhaal is achteraf opgetekend door Fay in de ik-vorm en de humor spat werkelijk van de pagina’s af. De onnavolgbare maar scherpe zelfrelativeringen volgen elkaar soms in een duizelingwekkend tempo op. Een paar voorbeelden:

“Ik spoor niet nee, ik ben een gek in vermomming met blond lang haar en ik lach naar je, maar dat is alleen voor het plaatje.”

“Ik bedoel, hoe kan iemand zijn eigen gedachten interessant blijven vinden, levenslang, het vooruitzicht is afschuwelijk. Het is alsof je gedwongen wordt de hele dag tegen hetzelfde schilderijtje aan te kijken, een stom en mislukt schilderij dat je zelf hebt gemaakt.

Gerwin van der Werf (1969) is schrijver, columnist en muziekdocent. Eerder publiceerde hij onder andere Luchtvissers (2013), Een Onbarmhartig Pad (2018).

[REDACTIE]